10042017 // Amsterdam – het Rijksmuseum


Toerist in eigen land. Helemaal compleet met camera, in marstempo langs de grachten van ons Amsterdam. Eindelijk een keer in het Rijksmuseum geweest – waar ik gerust dagelijks een bezoek aan zou kunnen brengen om te staren naar het moois en elk kunstwerk uit te pluizen. 

Ik heb me vermaakt over de hordes mensen, verwonderd over dat ik in eigen land voornamelijk in het Engels aangesproken werd en genoten van alle winkeltjes, waarvan ik de vintage-kledingwinkels haast het leuks vond.
En dan al dat lonkende lekkers; van verse sap tot knapperige croissant. Yum. (Ik gunde me overigens niet de tijd om rustig te gaan zitten. Ik wilde vooral heel veel zien. Zelfs fotograferen heb ik weinig gedaan. Maar ach, het ging tenslotte om de beleving…)
Bij deze een indruk. Vooral van het Rijksmuseum. Ik was er nog nooit geweest en ga er zeker eens naar terug!

Vincent van Gogh – ik vind hem toch altijd wat zielig. Hij kijkt wat treurig of met een lege blik. Zijn schilderijen ogen houterig, stuntelig. Maar de streepjestechniek lijkt me een leuk idee voor een tekenles.

Gezellig met z’n allen kijken naar Rembrandt z’n Nachtwacht… Ik citeer mezelf op instagram: “Ik moet eerlijk bekennen een barbaar te zijn en bij binnenkomst te denken; “Er hangen hier drie doeken, wat maakt die van Rembrandt nou anders?” Maar dan zie je het licht en de schaduw, de kwastjes op een mouw, de details terwijl hij lang niet zo precies schilderde. Echt. Wat groots!”
Stiekem heb ik meegeluisterd met een gids, die het één en ander verklaarde. Ik ben dan ineens onverzadigbaar en wil alles weten over elk schilderij.

 Dit beeld grijpt me aan. “De verdrijving uit het paradijs”, Cornelis Poelenburch. Schaamte, berouw, verdriet… het was zo goed in et paradijs. Zo dicht bij God. En toen zo ver weg. (Gelukkig is er een weg terug!)
De Bijbelse taferelen – erg Hollands en Middeleeuws weergegeven met ronde, bleke mensen en grazende koeien – spraken me aan. Van gruwelijk tot beeldschoon. De vanzelfsprekendheid waarmee menig schilder Bijbelse werken maakte… de Bijbel was in die tijd zo bekend. En het hangt daar toch maar voor zoveel bezoekers die er niet bekend mee zijn… mooi.

Ja sorry, deze meneer was zo enthousiast aan het vertellen over de liefdesbrief van Johannes Vermeer… hij had het er warm van.
Ik heb er geen verstand van – laat dat duidelijk wezen – maar Vermeer vind ik zo heerlijk gewoontjes. Een kast vol rommel, een arbeidershuisje… Zo mooi als hij een stille handeling als het schenken van melk kan vastleggen… (jammer dat het meisje er niet hing).
Schilderen gaat veel hoger dan fotograferen; een camera vangt het werkelijke beeld, bij schilderen moet de kunstenaar het toch echt zelf vormgeven. Tot in de hoekjes uitgewerkt, over elk voorwerp nagedacht.
Het viel me op dat ik vooral de allerdaagse taferelen mooi vond. Net zoals ik fotografeer. Ik ben niet zo van de heldhaftige krijgsheren, landschappen en tutterige kantkraagjes. Omdat ik me er niet in herken, denk ik.

Wat een kunst om zijde stof te laten glanzen, de molen in het water te laten weerspiegelen alsof het water elk moment het schilderij uit kan stromen, een simpel bosje asperges… nou doe het maar eens na!
Wat ook een kunst op zich is; het ontrafelen van de betekenis, de symboliek in voorwerpen, het verhaal wat je kunt maken van een doek. Ik houd er van een beetje weg te dromen en te fantaseren bij de tafereeltjes.

Heel mooi om gezien te hebben (het gebouw is al mooi op zich). Een aanrader! Tip, maak een goede studie van de folder, die je bij aankoop van je toegangsbewijs krijgt. In het museum zelf vond ik het niet duidelijk aangegeven en de beveiliging let meer op of je met je neus niet te dicht bij een doek komt. Ze hebben werkelijk geen idee waar wat hangt (de sufferds, je loopt nota bene betaald in een museum…)

Helaas vloog de dag voorbij en terwijl de zonnestralen veranderden van kleur, strompelde ik naar het station (ik had me toch een blaar!)
Leuk ook, zo’n kermis op de Dam. Maar niet heus. Ik vind het haast oneerbiedig, tegenover het monument dat daar rustig staat te getuigen van vrede, waar duiven symbolisch op rusten. Maar dat terzijde. Ik ben ook lekker high geworden van al die wietwalmen… wonderlijke stad toch.
Toen de trein het Gelderse landschap ingleed, vond ik dat toch ook wel weer heel aangenaam…

Nog eentje dan. De nachtwacht. Vlak voor sluitingstijd was de zaal bijna vrij van bezoekers en kon ik ‘m er netjes opzetten. (Wist je trouwens dat er aan  alle kanten repen afgesneden zijn, omdat’tie na een verhuizing niet pastte op de muur? En dat is hops, weggegooid. Jammer, jammer, jammer.)